Zaterdag 1 oktober, van Passarge Valley naar Leopard Pan.
Vroeg wakker, al om zes uur. Geen wonder na elf uur slaap!
Afgelopen nacht verschillende geluiden gehoord van zowel de jackhals als de vosjes.
Helaas geen leeuw!
We ontbijten op ons dooie akkertje.
We zijn net op weg als we op nog geen vijf meter voor ons een prachtige giraffe tegen een
boom zien staan.
Wat heeft dat beest toch een prachtige schutkleur, je zou dat niet zeggen met al die
blokjes, maar toch!
Even later zien we er weer een paar met jong.
Wat schitterend.
Ook de vosjes laten zich weer zien en rennen snel weg van onze auto.
Er zijn verschillende soorten: de silwervos, beetje schuw maar wel een echte vos. De
bakoorvos. Minder schuw met hele grote oren. Ze eten alleen maar insecten.
Het zijn schitterende beesten.
Het was weer genieten deze tocht met heel veel giraffes, kori bustards, vosjes, jackhalzen
enz.
Vlak voor onze campingplek kunnen we nog naar een waterhole.
Als we daar aankomen zien we alleen maar een groep onyxen met twee jonkies.
Verder niets! Tot we goed kijken: er ligt zowaar een leeuw onder de bomen in de schaduw
heerlijk te pitten. Hij let totaal niet op ons. Hij heeft zijn buikje lekker vol.
We rijden dichterbij hem! Hij reageert nauwelijks, één oogje open en dan weer dicht.
We wachten nog even maar er gebeurt niets.
We gaan terug naar onze campingplek voor de wat late lunch en installeren ons.
Er is nog één dag te gaan.
We zitten in het zand, we lopen door zand, we eten bijna zand, onze oren zitten vol zand,
onze schoenen en sokken zitten vol zand. We zijn bijna zand.
We krijgen er een beetje genoeg van en beginnen naar een warme douche te verlangen.
We besluiten om onze tocht met één dagje in te korten en naar Maun te gaan.
Daar willen we nog erg graag de Okavanga in. Die mogelijkheid biedt zich nu aan.
Maar eerst zitten we nog op Leopard Pan met heel veel wespen om ons heen!
Zo verschrikkelijk veel dat ik de camper in vlucht! Ben een betje allergisch! Als ik gestoken
word, heb ik daar dagen pijn van. Niet zo’n fijn vooruitzicht!
Tegen vijf uur begint het te betrekken, de lucht wordt grijs. In de verte begint het te
rommelen. Zo nu en dan voelen we spetters. We zetten de luifel uit, zodat we in ieder
geval droog kunnen koken.
We bakken pannenkoeken, die zijn tenminste zo klaar.
Om zeven uur is het al donker en onweert en waait het behoorlijk.
We duiken ons bed maar weer in.
Het duurt lang voordat we de slaap kunnen vatten, het stormt om ons heen maar het
regent en onweert niet meer.

Geef een reactie